In 1188 is er voor het eerst sprake van Iserghem (Eizeringen), dat daardoor het oudst bekende gehucht van Lennik is.
Op het einde van de 13e eeuw stond er in Iserghem reeds een kapel. De patrones is St. Ursula, aan wie de kapelanij was toegewijd. De stichter is onbekend. De Sint-Geertrui abdij van Nijvel had medezeggenschap over de kapelanij. In 1595 krijgt de pastoor van O.L.V. lombeek de kapelanij toegewezen.
In 1778 is Antonius Luyssaet, onderpastoor van Sint-Kwintens-Lennik, er kapelaan en wordt de kapel ondergeschikt aan de kerk van Lennik.
Wegens de slechte toestand van de wegen naar de moederkerk in Lennik enerzijds, en anderzijds het voldoende aantal inwoners in Eizeringen zelf, wordt in 1807 een petitie opgesteld om de kapel te vergroten. De grote voorvechter voor de nieuwe kerk is Joseph Huysman de Neufcour, eigenaar van het kasteel van Eizeringen en voorzitter van de kerkfabriek. In 1840 krijgt hij toestemming om de kapel te vergroten.
Oorspronkelijk zou een nieuw schip gebouwd worden over de bestaande kapel. Toen de toren van de kapel overgebracht werd op het nieuwe schip stortte deze in. De kapel werd afgebroken. Alleen de muur tussen het koor en de sacristie , waar in 1778 door schilder Meert de verheerlijking van St-Ursula werd uitgebeeld, blijft staan.
Bouwmeester Spaak bouwde dan een nieuwe kerk van baksteen in neoclassicistische stijl.
Op 1 januari 1843 wordt Eizeringen parochiaal onafhankelijk van Lennik. De eerste pastoor was Philippus Jacobus Van Dorslaer, die tussen 1832 en 1840 onderpastoor was te Lennik en vanaf 1840 tot 1843 kapelaan was van de kapel.
Met dank aan Guido Dieudonné